Voormalige directeurswoning

Vijf Tichelwerkhuisjes

Deze twee panden vallen buiten de kaart:

  • Adres: 
    Bedumerweg 2, 9959 PG 
  • Eigenaar: 
    Groninger Monumentenfonds (sinds 2002)    
  • Huidige Huurder: Stichting de Hoven. Zorgketen in ouderenzorg. Directiekantoor.  

Het waterschap Hunsingo is een voormalig waterschap in de provincie Groningen. Ontstaan als het eerste boezemwaterschap dat door Provinciale Staten werd ingesteld in 1856 en omvatte  het Winsumer en Schaphalsterzijlvest, Houwerzijlvest, Schouwerzijlvest en Wetsingerzijlvest. Onder de zogenaamde ingelanden (boeren met stemrecht) bestond aanvankelijk veel verzet tegen de totstandkoming; 600 tot 700 landbouwers ondertekenden petities die naar de koning werden verstuurd. De voorstanders betoogden echter dat alleen door samen te werken in een overkoepelend zijlvest een nieuwe sluis bij Zoutkamp gerealiseerd kon worden. Het waterschapshuis stond in Onderdendam tot 1995. Daarna ging waterschap Hunsingo op in het nieuwe waterschap Noorderzijlvest.

Het waterschap Hunsingo bestond uit elf zelfstandige onderdelen (vanaf 1975 veertien, later acht), met elk een eigen bestuur. De voorzitters van ieder onderdeel vormden het hoofdbestuur onder leiding van een door de Kroon benoemde voorzitter. De eerste voorzitter kwam uit Onderdendam; Adriaan Jan van Roijen (1809-1874). Hij was notaris en later Eerste Kamerlid. Het dagelijks bestuur werd het college van gecommitteerden genoemd. Die onderdelen, eigenlijk beheersgebieden betroffen het noordelijk deel van de provincie, van Ulrum tot Roodeschool inclusief het Lauwersmeer en de Lauwersmeerpolder.

Naast het Waterschap Noorderzijlvest werden er in dit gebouw nog andere bestuursactiviteiten ontplooid. Een belangrijke historische stap werd verricht in 1837 n.a.v. oprichting ‘Genootschap ter bevordering van de Nijverheid’. Er kwam een commissie van voorbereiding bestaande uit de heren Mr. H.H. Brongers, G. Reinders, dr. R. Westerhof, mr. C.W.P. van Naerssen, dr. G. Havinga Jansonius, dr. S. Bleekrode, mr. A.J. van Roijen en dr. E. Wichers. Op 1 oktober werd een rekest aan de koning gezonden met verzoek om de vestiging van het Genootschap ter bevordering der Nijverheid te Onderdendam te autoriseren (Vergunning geven, erkennen. Dit was in die tijd nodig voor verenigingen groter dan 20 personen). De minister van binnenlandse zaken had nogal wat bedenkingen, zoals het doel van de maatschappij zou te smal zijn en of het niet mogelijk zou zijn zich aan te sluiten bij de Haarlemse Maatschappij. Ook de vestigingsplaats kwam ter discussie, maar men motiveerde, vanuit Groningen, dat juist Onderdendam vanwege haar ligging was gekozen. Onderdendam lag in het midden van een zeer bebouwd gedeelte van de provincie, tussen Delfzijl en Zoutkamp, waar op alle tijden van het jaar, alle leden gemakkelijk samen konden komen, betoogde men. Nadat de burgemeester en de gouverneur hun steun hadden betuigd, kwam op 31 januari 1837 het koninklijk besluit af waarin de machtiging wordt gegeven voor het vestigingen van het genootschap. Op 8 maart 1837 kwam de commissie van voorbereiding weer bijeen. Men besloot om de 35 personen die ook bij de eerste bijeenkomst aanwezig waren uit te nodigen om op 28 maart 1837 in het Zijlvesterhuis te Onderdendam samen te komen. Op die datum werd het “Genootschap ter bevordering der Nijverheid” in het leven geroepen. Het Zijlvesterhuis kan dan ook aangemerkt worden als het geboortehuis van het genootschap. Men besloot in Onderdendam gevestigd te blijven. De eerste directeuren (bestuursleden) waren mr. H.H. Brongers (kantonrechter te Mensingeweer), W. Dijkhuis (landbouwer te Ulrum), U.G. Schildhuis Jz. (graanhandelaar te Groningen), dr. R. Westerhoff, voorzitter dr. E. Wichers, secretaris mr. A.J. van Royen (notaris te Onderdendam) en penningmeester mr. C.W.P. van Naerssen (burgemeester van Bedum). Volgens een advertentie om leden te werven had men tot doel “de Nijverheid in het algemeen te bevorderen en uit te breiden zich inzonderheid bepalende tot: 1. De landhuishouding in de uitgebreidsten omvang. 2. Koophandel en Zeevaart. 3. Kunsten, Handwerken, Fabrieken en Trafijken.”

Het Waterschapshuis wordt in de negentiende eeuw altijd als het Zijlvestershuis aangeduid. Het is ook de plek waar op 19 December 1833 om exact twaalf uur het bestuur van de Classis Middelstum bijeenkwam om de reactie te horen van dominee Hendrik de Cock te Ulrum op  klachten van een aantal collega dominees. Hij zou kinderen dopen die niet tot zijn gemeente behoorden en had een boekje geschreven dat door zijn collega’s als ‘smadelijk ‘werd beschouwd. De Cock bleef echter bij zijn mening en werd om die reden door dit regionale bestuur van Hervormde ( Staats- ) Kerk geschorst. Zijn salaris werd ingetrokken. Dit vonnis kan beschouwd worden als het startpunt van de religieuze beweging die leidde tot de zogenaamde ‘Afscheiding ‘ van 1834. Een nieuwe kerkgenootschap wordt gesticht, de Gereformeerde Kerk, de zogenaamde kerk ‘van de kleine luyden ‘.


Mr. A.J. Van Roijen is een de weinige Onderdendamsters die landelijke bekendheid geniet. Hij behoorde tot het selecte gezelschap Nederlanders dat als Buitengewoon Lid van de Dubbele Tweede Kamer meeschreef aan onze eerste Grondwet van 1848. Later was hij van 30 oktober 1856 tot 15 september 1862 lid van de Eerste Kamer, 2146 dagen in totaal.


Waterschapshuis
  • Adres: 
    Middelstumerweg 17, 9959 TC/ Middelstumerweg 17A, 9959 TC 
  • Eigenaar: 
    Groninger Monumentenfonds (sinds 2002)    
  • Huidige Huurder: Stichting de Hoven. Zorgketen in ouderenzorg. Directiekantoor. 

Het bericht dat Mr. van Roijen hier heeft gewoond, leidt een heel hardnekkig bestaan in ons dorp. Komt waarschijnlijk doordat het meest in het oog springend huis en Mr. van Roijen een van de weinige Onderdendamsters is die landelijke bekendheid geniet. Hij behoorde tot het selecte gezelschap Nederlanders dat als Buitengewoon Lid van de Dubbele Tweede Kamer meeschreef aan onze eerste Grondwet van 1848. Later was hij van 30 oktober 1856 tot 15 september 1862 lid van de Eerste Kamer, 2146 dagen in totaal.

Mr. A.J. Van Roijen is een de weinige Onderdendamsters die landelijke bekendheid geniet. Hij behoorde tot het selecte gezelschap Nederlanders dat als Buitengewoon Lid van de Dubbele Tweede Kamer meeschreef aan onze eerste Grondwet van 1848. Later was hij van 30 oktober 1856 tot 15 september 1862 lid van de Eerste Kamer, 2146 dagen in totaal.

Na Notaris S.van Meerten werd het huis gebruikt als kantoor van Registratie en Domeinen. In 1920 wordt dit kantoor overgeplaatst naar Bedum. Daarna wordt het huis gekocht door Jan Albert Ploegh, iemand met een immens netwerk in de regio. Hij bezat o.a. twee boerderijen aan de Winsumerweg. Ploegh was koopman en bezat een stuk grond in Drenthe waar ijzererts gedolven werd. Hij was de eerste Onderdendammer met centrale verwarming. De cokes kwam met een wagon aan in Bedum en werd opgeslagen in de grote schuur. De grote kachel, die na ieder stookseizoen weer groen geverfd moest worden, stond in de keuken Het huis is daarna gebruikt als kerk voor een aantal afgescheiden (vrijgemaakte) gemeenteleden van de Gereformeerde kerk. In de grootste kamer van de woning wordt kerk gehouden, voor het overige wordt het grote pand bewoond door drie gezinnen. Nu wonen er in het huis twee gezinnen.

Huis notaris S.van Meerten
Nu een dubbelhuis
  • Adres: 
    Uiterdijk 5, 9959 PK
  • Status: Rijksmonument
  • Huidige bewoners: particulier eigendom

In het huis zijn balken gevonden die aan een dendrologisch onderzoek zijn onderworpen en blijken te stammen uit de zeventiende eeuw. De ringen in de buitenmuur herinneren aan de tijd (begin van deze eeuw) dat het vee uit de omtrek er samengebracht om ingescheept te worden naar de markt in Groningen. Het vee werd een dag van te voren naar Onderdendam gebracht vanuit de verre omgeving. Soms was er zoveel vee dat er met de veeboot een praam met vee mee moest. Zo stond in de aflevering van Stad en Lande uit 1794 het volgende: ‘”Onder dit dorp behoort ten grootsten deele (f ) de volkrijke buurt Onder-den-dam. Aldaar verdeelt de algemeene trekvaart van Groningen naar 't Hunzingo kwartier zig in drie; regts af voorbij Middelstum en Kantens naar Uithuizen, voorwaards uit naar Warfum, en links af door Winsum langs Mensingeweer naar Ulrum. Deeze vaarten, hoe zeer ten nutte van dit geheele kwartier, zijn eerst aangelegd na het midden der voorige eeuw (§) ; De Heeren Schepperen van het Winsumer en Schaphalster zylvest houden hier hunne vergaderingen in het daartoe geschikte zylvestenyhuis. Daarby wordt alhier , als gelegen in het hart van het land, en aan het zyldiep, van rondom veel vee en koren, meest egter haver, ingescheept, en naar Holland en Engeland vervoerd. 't Welk alles deeze plaats zeer levendig maakt; en daardoor in den zomer veele stedelingen uitlokt om er den dag, of agtermiddag door te brengen.” 


Eén van de latere bewoners was J.T. Burema, cafehouder en handelaar in stro en hooi. Dit cafe was in de wintermaanden ook zeer in trek bij schaatsrijders en zomers bij hengelclubs uit de stad. Op deze evenementen dreef het cafe. Na Burema werd het cafe overgenomen door H. de Vries en later B. Westerhof uit Bedum, die het cafe verhuurde aan K. Kleine en later aan Douwes. Douwes was de laatste kastelein van dit pand. Het pand is later nog in gebruik geweest als tentoonstellingsruimte en werd bewoond door Bultje (Galerie en Societeit-O). (“Galerie en Societeit O was beroemd en…berucht tot in Amsterdam.”). De zanger en schrijver Jean–Paul Franssen behoorde er tot de vaste clientèle. Ook heeft hier nog de predikant, dr. de Groot, gewoond.


Omstreeks 1780 werd een herberg aangebouwd. Onder de hal zit nog steeds een oude waterkelder van omstreeks 1740, ook is er nog een oude schouw.


Vaartzicht
  • Adres: 
    Boterdiep OZ 1, 9959 PM Onderdendam
  • Status: Rijksmonument
  • Huidige bewoners: particulier eigendom

Voor een aantal autochtone bewoners wordt het tegenwoordig nog steeds ‘Huis Korpershoek‘ genoemd naar de vlieger Toon Korpershoek. Hij heeft hier in de vijftiger jaren gewoond met zijn eerste echtgenote en vervolgens met Joke de Heer, die vele generaties kleuters in Onderdendam als lerares van de Openbare School heeft opgeleid vanaf de zestiger jaren van de vorige eeuw. Nu in particulier eigendom.

Huis Korpershoek
  • Adres: 
    Uiterdijk 24,  9959 PK Onderdendam
  • Status: Onbekend
  • Huidige bewoners: 
    Groothandel Coopman, Markthandel in non-food artikelen

Teune heeft ook een tijdlang samen met Marius Brouwer (1899 – 1976) het vrachtvervoer met de snik naar Groningen verzorgd. Brouwer woonde in die tijd op een woonboot. Het huis is later bewoond door Marius Brouwer, deze heeft ook nog op de melkboot naar Bedum gevaren. Hij vervoerde de bussen met melk van de boeren naar de melkfabriek. Nadat Brouwer was overleden heeft het huis 18 jaar leeg gestaan. In die periode was de woning van K. Nepperus en later van zijn erven. In 1997 is de woning verkocht. Nu wordt de woning weer bewoond en opgeknapt.

Uiterdijk 24
  • Adres: 
    Uiterdijk 28,  9959 PL Onderdendam   
  • Status: Onbekend
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Achter, aan de Achterweg, woonde Hoekstra. Hij had ook een winkeltje aan huis, hij was vertegenwoordiger van insulinde producten (koffie, thee, tabak en suiker e.d.). Jan Zwerver vertelt dat hij als schooljongen voor 2 cent voor Hoekstra boodschappen op Onderwierum bezorgde. Later woonden hier de familie Gerrit Winkel, Lammert en Hennie Groenewold (van 1948 tot 1954), Willem Bodde (leefde van 1896 – 1965), Jan en Rens Visser en Berend en Bregtje Huizinga. Aan de voorkant woonden Harm Damminga (leefde van 1883 – 1954) en zijn vrouw Biene (Wubbina) Wieringa. Damminga was melkvaarder op de melkboot voor de melkfabriek in Winsum (LYMPF = Leeuwarder IJs Melk Producten Fabriek.) Voor de huidige bewoners de familie Jack Wijkstra woonde hier de familie Eltje Bodde. Bodde heeft de woningen verbouwd tot een woning

Uiterdijk 28
  • Adres: 
    Uiterdijk 1, 9959 PK Onderdendam   
  • Status: Onbekend
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Hier stond vroeger de witte brugwachterwoning, deze woning is afgebroken. Er staat inmiddels een nieuw huis. Het huis was eerst van de provincie en later van het waterschap.

Brughuis
  • Adres: 
    Bedumerweg 22,  9959 PG Onderdendam   
  • Status: Rijksmonument
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Eerst zat de schippersbeurs op Boterdiep OZ no. 4. De schippersbeurs is later verplaatst naar de Bedumerweg 22. Het huis (Boterdiep OZ no. 4) is ook gebruik geweest door het Groene Kruis.

Op de kaart van Beckeringh (voor 1800 ) staat een groot gebouw ten zuiden van de woning van de familie Nobel, Boterdiep OZ 2.  Eerder werd er aangenomen dat hier een jeneverstokerij was gevestigd  maar op de minuutkaart1832 van het Kadaster is gen bebouwing op deze plaats. Aangenomen mag worden dat de stokerij op of nabij Boterdiep OZ 4 stond.  

Onder algemene informatie  ‘Schippersbeurs ‘ : De armoe op de boten was vaak schrijnend. De schippersvrouw moest maar zorgen dat ze met haar kroost de winter doorkwam. De schepen werden in die tijd getrokken door scheepsjagers, vaak opgeschoten jongens die, met of zonder paard, de boten trokken. Wanneer het geld op was, moest moeder de vrouw in ’t zeel. Een Groninger gezegde is dan ook: ‘Dij zien vraauw laif het, holdt heur veur ogen, zee schipper en dee heur in lien ‘.Vertaling: ‘Wie van zijn vrouw houdt, spaart haar en deed haar in de lijn ‘.Er werden veel bevrachtingen vanuit Onderdendam uitgevoerd, vooral stenen, draineerbuizen, zand, grint, steenkool, turf, aardappelen, stro, suikerbieten en vlas.     


Schippersbeurs
  • Adres: 
    Boterdiep OZ 4, 9959 Onderdendam 
  • Status: Onbekend
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Eerst zat de schippersbeurs op Boterdiep OZ no. 4. De schippersbeurs is later verplaatst naar de Bedumerweg 22. Het huis (Boterdiep OZ no. 4) is ook gebruik geweest door het Groene Kruis.

Op de kaart van Beckeringh (voor 1800 ) staat een groot gebouw ten zuiden van de woning van de familie Nobel, Boterdiep OZ 2.  Eerder werd er aangenomen dat hier een jeneverstokerij was gevestigd  maar op de minuutkaart1832 van het Kadaster is gen bebouwing op deze plaats. Aangenomen mag worden dat de stokerij op of nabij Boterdiep OZ 4 stond.  

Onder algemene informatie  ‘Schippersbeurs ‘ : De armoe op de boten was vaak schrijnend. De schippersvrouw moest maar zorgen dat ze met haar kroost de winter doorkwam. De schepen werden in die tijd getrokken door scheepsjagers, vaak opgeschoten jongens die, met of zonder paard, de boten trokken. Wanneer het geld op was, moest moeder de vrouw in ’t zeel. Een Groninger gezegde is dan ook: ‘Dij zien vraauw laif het, holdt heur veur ogen, zee schipper en dee heur in lien ‘.Vertaling: ‘Wie van zijn vrouw houdt, spaart haar en deed haar in de lijn ‘.Er werden veel bevrachtingen vanuit Onderdendam uitgevoerd, vooral stenen, draineerbuizen, zand, grint, steenkool, turf, aardappelen, stro, suikerbieten en vlas.     


Schippersbeurs
  • Adres: 
    Middelstumerweg 11, 9959 TC Onderdendam    
  • Status: Rijksmonument Monumentnummer: 332558 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

In de kelder stonden veel rekken waar wijnflessen in werden opgeslagen. De grote kelder is later gedeeltelijk gedempd. Hij werd opgevolgd door P. de Vries, die ook de laatste slijter was in dit pand. Verdere bewoners waren o.a. Boelema (tot 1964), Theo de Jong (tot 1972), Donker (tot 1986) en Weymar Schultz (tot 1997) beiden laatsten waren als arts verbonden aan het academisch ziekenhuis in Groningen.

Omstreeks het midden van de 19e eeuw ontstaan gebouw met souterrain en bel-etage, op rechthoekige plattegrond, opgetrokken uit baksteen en gedekt door een met pannen belegd zadeldak met geschulpte lijsten. Rechthoekige en blinde vensters op souterrain-hoogte; zes ruitsschuifvensters en blind venster met afgeronde hoeken en ten dele nog persiennes op bel-etage-hoogte; verdiepte ingang met hardstenen trapje in de ene, en deur met bovenlicht en levensboom en gepaneelde deuren in andere zijgevel. Dakkapel onder zadeldakje met geschulpte windveren. Goot op klossen; sieranker. Huis van eenvoudige doch harmonische architectuur en van oudheidkundige waarde.

 


Tweede schippersbeurs
  • Adres: 
    Boterdiep OZ 4, 9959 Onderdendam 
  • Status: Onbekend
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Er werden veel bevrachtingen vanuit Onderdendam uitgevoerd, vooral stenen, buizen, zand, grint, steenkool, turf, aardappelen, stro, suikerbieten en vlas. Om in te tekenen op vracht was in Onderdendam de schippersbeurs opgericht. Het dorp werd in de dertiger jaren van de vorige eeuw getroffen door een schippersstaking. De tarieven waarvoor de vracht werd aangeboden op de beurs waren voor de schippers te laag, reden waarom ze de beurs (de bevrachters) boycotten. Tot woede van de schippers vervoerden tichelwerkers van de steenfabriek Limborgh Meijer aan de Winsumerweg, met een praam, stenen naar Bedum voor de schoorsteenpijp van de zuivelfabriek. Ze werden gezien als stakingsbrekers en werden dan ook door de de schippers met stenen bekogeld. Door de opkomst van vrachtwagens ging de hele binnenvaart verloren en kwamen veel schippers zonder werk. Er kwam ook een einde aan de schippersbeurs en de schippers verdwenen uit het dorpsbeeld. Hun plaats is ingenomen door ‘bootjesvoarders’ (recreanten) die nu het dorpsbeeld sieren. [Bron : A.S. Brakema e.a., 2001, Onderdendam. 200 jaar met het Nut, Bedum: Profiel Uitgeverij, pag.22-24.]

Achtergrondinformatie over schippersbeurzen: 

“Voor de Tweede Wereldoorlog (1940-1945) werd het dorp gedurende de wintermaanden mede door een groot aantal schippers bewoond. Schippers meerden af in het Winsumerdiep, vlakbij het café (Uiterdijk 10)  met de schippersbeurs. Dit betekent veel extra bedrijvigheid in het dorp, handel voor de middenstand en de scholen kregen extra leerlingen door de vele schipperskinderen. De schippers bevolkten dan samen met de tichelwerkers de vele kroegen die Onderdendam bezat. Dertig schepen in Onderdendam was heel normaal. De armoe op de boten was vaak schrijnend. De schippersvrouw moest maar zorgen dat ze met haar kroost de winter doorkwam. De schepen werden in die tijd getrokken door scheepsjagers, vaak opgeschoten jongens die, met of zonder paard, de boten trokken. Wanneer het geld op was, moest moeder de vrouw in ’t zeel. Een Groninger gezegde is dan ook: ‘Dij zien vraauw laif het, holdt heur veur ogen, zee schipper en dee heur in lien ‘. Vertaling: ‘Wie van zijn vrouw houdt, zorgt dat zij in je blikveld blijft en het best in het zeel

Bewoners waren Jac. Berghuis, die bakker was, een cafe had en varkens mestte. Na de dood van Berghuis werd de woning verbouwd in twee gedeelten. Mevr. Berghuis trouwde met J. Engberts en bleef met hem in het ene deel wonen. Engberts was schippersbeursmeester en zette ook het cafebedrijf door. In de schuur werd de beurs voor de kleine binnenvaart gehouden. Verder had hij de verkoop van leidingwater, petroleum en verfproducten aan schippers. Smit was een bevrachter die zijn handel had in het cafe. Later was Patje de bevrachter (beiden woonden hier niet).

Kapper Visser heeft in het andere gedeelte zijn kapsalon gehad. Later woonden er o.a. Jacob Funcke en Mek de Groot.

Schippersbeurs
  • Adres: 
    Boterdiep OZ 2, 9959 PM Onderdendam   
  • Status: Onbekend 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom
Jeneverstokerij
  • Adres: 
    Uiterdijk 11, 9959PK Onderdendam     
  • Status: Onbekend 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

De vrouw van de wolhandelaar ging met manufacturen langs de deuren. Ook woonden hier S. Huizinga, Tilia Huizinga, weduwe Visser en F. Moorlag, die het pand verkocht aan B. Westerhof die de woning verhuurde aan R. de Wilde, Jan Smeltekop (kunstschilder) en verkocht het later door aan de huidige eigenaren.

Joodse wolhandel
  • Adres: 
    Uiterdijk 13, 9959 PK Onderdendam     
  • Status: Onbekend 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Hier had de heer Bos een winkel in kruidenierswaren, een cafe en was hij barbier. Hij deed de zaak over aan Herman Brouwer, die was schilder, kruidenier, kastelein en verkocht drank, petroleum en verfwaren. Na Brouwer werd Blauwiekel eigenaar. Het pand werd later voor
fl. 2800,- verkocht aan B. Westerhof uit Bedum die het pand verhuurde aan verschillende bewoners.

Café
  • Adres: 
    Uiterdijk 15, 9995 PK Onderdendam     
  • Status: karakteristiek pand 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Daarna komt zijn zoon Hybo Roelfs van der Riet (1828 – 1922) in de woning. Hij is in 1857 getrouwd met Trijntje Runsink (1835 – 1859), in 1862 hertrouwde hij met Gezina Monning. Later kwam hun zoon Roelf van der Riet (1859 – 1919) in de woning. Hij was bakker en waarschijnlijk ook al winkelier. In 1887 trouwde hij met Trientje Woldendorp (1863 – 1919). Roelf is in 1919 verdronken en zoon Hybo (1887 – 1955) nam het pand met de bakkerij over. In 1925 trouwde hij met Barbara Balkema. Ze verkochten brood, koek en banket en hadden annex kruidenierswaren te koop. De winkel was nog ouderwets van opzet. Van der Riet heeft ook verschillende knechten gehad. Verder hield hij, zoals in die tijd gebruikelijk, altijd een paar varkens. Die werden vetgemest in een een schuur die naast de woning stond aan de Uiterdijk. De schuur werd ook gebruikt voor opslag van de winkelvoorraad. Toen Hybo de zaak overnam werd er een moderne bakfiets aangeschaft. Ook zijn kinderen moesten met brood langs de deur. Zoon Ko (Anco, geboren in 1930) ventte buiten het dorp en dochter Tienie (Treintje, geboren 1927) binnen de bebouwde kom. Zijn vrouw deed de winkel en had daar aardigheid in. Ze breide het assortiment ook behoorlijk uit. De winkel dijde daardoor behoorlijk uit en stond bekend omdat hij zo vol was. Na het overlijden van van der Riet, in 1955, is de bakkerij gestopt en heeft zijn weduwe Barbera Balkema de Vivo-kruidenierswinkel en drogisterij nog jaren doorgezet en heeft haar zoon Ko met de bakfiets brood gevent. Het brood kwam van bakker Bruins uit Bedum. Toen mevrouw van der Riet zeventig jaar werd is ze met de winkel gestopt en is ze met haar zoon Ko naar Bedum verhuisd. Ko ging werken in de mindervaliden werkplaats in Uithuizen. Het pand werd toen in 1972 verkocht aan Kars Westers en Clara Kappers die het geheel verbouwden tot woonhuis. Van 1972-2018 woonde Klara Kappers, musicus, met hun kinderen.


Bakkerij en winkel
  • Adres: 
    Winsumerweg 12, 9995 TD Onderdendam     
  • Status: karakteristiek pand 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Dit is de voormalige directeurswoning van de steenfabriek Limborgh- Meijer.

Voormalige directeurswoning
  • Adres: 
    Winsumerweg 14-20, 9995 TD Onderdendam    
  • Status: Onbekend

De tichelwerkhuisjes hoorden bij de steenfabriek Limborgh Meijer. Vier in het verlengde van de Winsumerweg. Nummer vijf is inmiddels afgebroken. Het eerste huisje, Adres nummer 14 heeft zware aardbevingsschade. [Bron: A.S. Brakema e.a., 2001, Onderdendam. 200 jaar leven met het Nut, Bedum : Profiel Uitgeverij pag.21]

Vijf Tichelwerkhuisjes
  • Adres: 
    Middelstumerweg 1, 9959 TC Onderdendam      
  • Status: Rijksmonument, monumentnummer: 8745 (in feite twee aan elkaar geschakelde panden). 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Uit twee eenheden bestaand pand, ieder met verdieping en gedekt door een zadeldak met hoekschoorstenen en wolfeinden, de nokken der daken evenwijdig aan elkaar. Boven de gevels aan de brugzijde forse kroonlijsten met bloklijsten; ook dergelijke gootlijst aan de lange gevels. Aan de waterzijde lagere uitbouw waarlangs tot voor kort een balkon met sierlijk hek liep.

 “Van 1811 tot ongeveer 1885 hebben de gemeente Bedum, het vredegerecht en het kantongerecht in deze herberg hun domicilie gehad. In 1877 is de bovenzaal flink opgeknapt voor de vestiging van het kantongerecht. Ook was er onder de uitbouw boven het water een gevangenis waar de wetsovertreders tijdelijk werden opgesloten. De verkoop van drank beneden in de herberg werd voor het kantongerecht als hinderlijk beschouwd, reden waarom men in 1885 naar een eigen gebouw aan de Bedumerweg ging.

Onder het gezag van de kantonrech­ter in Onderden­dam vielen: Bedum, Kantens, Middel­stum, Uithuizen, Usquert, Uithuizermeeden, Warf­fum, Adorp, Baflo, Eenrum, Kloosterburen, Leens, Baflo, Eenrum, Kloosterburen, Ulrum en Winsum. De kanton­rechter in Onderdendam zal omstreeks 1840 ongeveer Fl. 600.- per jaar hebben verdiend.  De rechter moest erop toezien, dat tijdens de zitting de orde niet werd verstoord. Herrieschoppers mocht hij, indien zij zich verzetten, voor 24 uur laten opsluiten in het huis van arrest. Aardig is dat tijdens de zitting de toehoorders geen hoofddeksel mochten dragen, opdat "daardoor eene regtmatige hulde worde bewezen aan de achtbaarheid der justitie".

Ook heeft op 27 augustus 1888 Domela Nieuwenhuis een politieke rede gehouden in de bovenzaal van de herberg van Knoop Pathuis.

Dit is een vijftiende eeuwse afschrift van een Oudfriese codex uit 1252. De eerste vermelding van Onderdendam als een plek waar raadsleden bij elkaar komen om recht te spreken : ‘(artikel) 9. Hwasa thes thunresdeys, ther redgevan swerath et Uldernadomme‘. In hedendaags Nederlands staat er: ‘(artikel)9. Wanneer iemand op Donderdag, de dag waarop de raadslieden van Onderdendam beëdigd worden, …’

Gerechtsgebouw en gevangenis
  • Adres: 
    Bedumerweg 48, 9959 PH Onderdendam 
  • Bouwjaar: 1885       
  • Status: karakteristiek pand 
  • Huidige bewoners: 
    Particulier eigendom

Het pand telde twee verdiepingen. Het dak is door timmerman H. Knol in 1939, die toen waarschijnlijk ook eigenaar was, met dommekrachten in een keer een verdieping verlaagd en van het gebouw werden twee woningen gemaakt. De woningen hebben verschillende huurders gekend: In het noordelijke deel woonden achtereenvolgens Abel van der Schans (tot 1953), Ate Louwes (1953-1955/1956) en Hinnie Kluiter (1955/1956-1972). In het zuidelijke deel woonden achtereenvolgens oma Vos (dit was de moeder van Martje, de echtgenote van Abel van der Schans), Tine de Graaf-Rus (weduwe van Reinhard de Graaf) en Jan en Sinie van der (of den) Berg. Toen Luit Westerdijk het pand kocht van Alje Knol, ging hij er met zijn echtgenote Grietje zelf wonen, eerst in het zuidelijke deel, en vanaf 1972 in het gehele pand. Na hem hebben heeft er de familie Beenes gewoond.

Achtergrond informatie:
Hoe belangrijk de regionale functie van het kantongerecht in Onderdendam was, bleek uit een petitie die regionale notabelen, december 1885 stuurden naar de Tweede Kamer. Zij spraken hun zorg uit over de plaats waar het nieuwe kantongerecht was gepland in hun ogen ver buiten het centrum van Onderdendam. In de werkelijkheid was het nog geen acht minuten lopen.


Vrouw Westerloo weet nog dat er zaterdags recht werd gesproken. Het gebouw is ook een tijd de woning geweest van de plaatselijke politie o.a., J. Koopman en H. Sissing.

Verdere politiemensen in Onderdendam waren: Stuive, Elzinga (tot voor de oorlog. Elzinga is in de oorlog door het verzet op de Eendrachtsbrug in Groningen doodgeschoten), Ter Wolde (woonde voor de oorlog aan de Middelstumerweg 12, in de oorlog bij de NSB), Sas (in de oorlog, marechaussee), Swart, de Vries en Fluks (de laatste politieagent tot de jaren zestig)


Bedumerweg 48
  • Adres:  Bedumerweg 15 9995 PK Onderdendam
  • Monumentnummer: 8736
  • Bouwjaar : 1840

Het gebouw verving de vervallen kerken van Menkeweer, die in 1828 op afbraak verkocht werd en van Onderwierum, die in 1840-41 werd afgebroken. Uit laatstgenoemde kerk kregen het doopvont uit 1651, de avondmaalstafel uit 1806, de grafzerken uit 1642 en 1677 van twee predikantsvrouwen en de sleutel van de deur een plek in de nieuwe kerk. In de dakruiter kwam de luidklok uit 1617 uit het kerkje van Menkeweer te hangen. Bij de restauratie die in 1972 plaatsvond is deze verwijderd.

Het kerkorgel van Gerhard Willem Lohman (1802-1856) van de orgelbouwersfirma N.A. Lohman en Zonen te Groningen heeft één manuaal met aangehangen pedaal en acht registers. Het werd in 1997 gerestaureerd door orgelmakerij Steendam.

Sinds de kerkenfusie van 2004 behoort de hervormde gemeente van Onderdendam tot de Protestantse Kerk in Nederland


Hervormde kerk en tegelijk watervoorziening
Nederlans Hervormde kerk. In 1828 wordt, bij koninklijk besluit, de zelfstandige Hervormde gemeente Onderdendam gesticht. Tot de hervormde gemeente werden gevoegd de toen tegenwoordige gemeenten Menkeweer, Onderwierum, een gedeelte van de gemeente Bedum dat in Onderdendam was gelegen en een in Onderdendam staand huis wat tot Middelstum behoorde. De kerk en de kosterij te Onderwierum bleven in gebruik. Al in 1820 moet de kerk in Menkeweer zijn afgebroken. De afstand naar Onderwierum was voor sommige kerkgangers een belemmering, want in 1835 werd besloten de namiddagdienst af te schaffen en hier voor in de plaats van tijd tot tijd s’avonds een dienst te organiseren in de school te Onderdendam. In 1839 kwam er een koningklijk besluit dat in Onderdendam een kerk gebouwd kon worden. De koning gaf een subsidie voor de bouw van F 3000,-. De kerk werd door G.J. Bos uit Bedum voor f 8870,- gebouwd onder architectuur van Willem Kornelis Dusseldorp ( zijn vader was G. Dusseldorp, opziener van de waterstaat te Onderdendam). Op 13 december 1840 was de kerk gereed. Architect was Willen Kornelis Dusseldorp. Al snel daarna, in 1841, werd de kerk in Onderwierum afgebroken.

In de kerk kwam een nieuw orgel gemaakt door N.A. Lohman en zoon, op 18 juli 1841 is het orgel ingewijd. Het orgel koste indertijd f 1350,-. In 1997 is het orgel voor ruim f 200.000 gerestaureerd.

In 1847 waren er van de 450 inwoners van Onderdendam 430 hervormd, waarvan 110 lidmaten.

Het huidige ijzeren hek werd in 1921 gep
Tijdens de bouw heeft de kerk grachten gehad die in 1875 zijn gedempt. In dat jaar is de kerk voorzien van een grote regenbak waarvan de pomp zich onder de kansel bevind. De pomp is aan de buitenkant te bedienen. Lang niet ieder huis had zijn eigen waterput en leidingwater was er nog niet. Daardoor werd zomers het water nog wel een schaars. In droge perioden kon men tegen betaling water bij de kerk halen. Schoenmaker Buur had een sleutel en verzorgde de distributie. Als het water in de kerk op was ging de melkboot van Wehe den Hoorn naar Groningen om leidingwater te halen.

Het huidige ijzeren hek werd in in 1921 geplaatst voor f 1350,- en in 1946 kreeg de kerk elektriciteit.

Predikanten waren ds. P. Damsteeg van 1829 tot 1847 (tot zijn overlijden), ds. I. Sonius Swaagman 1849 tot 1858 (ook tot zijn overlijden), ds. A.A. Hingst  van 1859 tot 1869, ds. J.A. van der Scheer van 1869 tot 1898 (hij gaat met emiraat), ds. Schuttevaer van 1898 tot 1902, ds A.H. van de Hoeve van 1902 tot 1903, ds H. Huizinga van 1903 tot 1906, ds. J.H. Buisman van 1906 tot 1912, ds J. Speckman van 1912 tot 1926, ds J.C. Kars van 1926 tot 1941?? ,De volgende predikanten werden gedeeld met Bedum; de heer Groeneveld hulpprediker van Onderdendam en Bedum van 1972 tot 1981?, ds H. Smits, ds Altena tot 1997.

Hervormde kerk
  • Adres:
    Bedumerweg 34  9959 PH
  • Plaatselijke Commissie : Hans Stoelinga , Bedumerweg 22  

Van 1883 – 1914 heeft men in de kerkeraad van Bedum en in de classis van Bedum gesproken over het zelfstandig worden van de Gereformeerde gemeente Onderdendam.

Op 5 juli 1914 werd tijdens de kerkeraadsvergadering te Bedum de kerkeraad en de diakenen gekozen voor de nieuwe Gereformeerde gemeente Onderdendam. Grenzen der kerkelijke gemeenten werden vastgesteld tussen Onderdendam en Bedum, Middelstum en Waffum en later Kantens.


Er werd gezocht naar een passende pastorie (Bedumerweg 22), en de scriba werd verzocht een predikant te zoeken om “het Woord hier te verkondigen”.  Er werd ook gekeken naar een avondmaalservies.

1919 werd Ds. H. Veldkamp als predikant aangesteld.

In 1926 werd deze opgevolgd door Ds. H. Brink. Onder deze dominee groeide de gemeente gestaag en werden verenigingen opgericht zoals: mannenvereniging, vrouwenvereniging, Bijbelstudie, Jongelingsvereniging en de meisjesvereniging.

Op 20 februari 1931 is de gemeente uit het gebouw aan de Uiterdijk gegroeid en werd gesproken over de aankoop van percelen grond aan de Bedumerweg. Op 3 maart werd architect A. Wiersema gevraagd een nieuwe kerk te bouwen aan de Bedumerweg. Deze werd op 12 januari 1933 in gebruik genomen.

2 December 1932 werd besloten een pastorie te bouwen naast de kerk, A. Wiersema is ook hiervan de architect

De gemeentezang bij de kerkdienst werd in het begin begeleid door de Chr. Muziekvereniging “Juliana”. In 1936 werd een orgel, twee klavieren, besteld bij Falks en Verkouten te Rotterdam en op 2 december 1936 in gebruik genomen.

Het oude kerkgebouw aan de Uiterdijk wordt nu verenigingsgebouw met de naam “Rehoboth” – “de Heere heeft ruimte gemaakt”.


De bouw van de kerk in 1932


De kerk en pastorie rond 1940


Kerk
  • Uiterdijk 4
  • Rijksmonument NR.527609
  • Eigenaar: 
    De Molenstichting1855. Restauratie 2005-2008
  • Functie(s) :
    vroeger koren en pelmolen, nu restaurant en B&B.

De al stellingmolen uitgevoerde achtkantige molen met de naam ‘Hunsingo ‘ook wel bekend als ‘molen Haitsma ‘is in 1855 gebouwd als koren- en pelmolen. De molen heeft op dezelfde standplaats een voorganger gehad. De molen is in 1939 onttakeld, waarbij het wiekenkruis, de kap , het houten bovenachtkant, de stelling en het bovenste deel van het gaande werk werden verwijderd. In 2008 in oude luister hersteld.

Molen Hunsingo 

Neem contact op

Your own text here
Vul je naam in
Vul een correct e-mailadres in
Vul een opmerking in
Bedankt, je bericht is verzonden.
Er ging iets mis met het verzenden van het formulier. Probeer het opnieuw.